| |
|

|
| Simone Martini, Pala del Beato Agostino Novello, de twee zijpanelen, Pinacoteca Nazionale, Siena [2]
|
| Een kleine geschiedenis
Na enkele jaren in Assisi, Pisa en Orvieto te hebben doorgebracht – waarbij hij slechts af en toe voor zeer korte periodes naar Siena terugkeerde, keerde Simone Martini uiteindelijk definitief terug naar Siena. Dit lijkt een vrij rustige periode in zijn leven te zijn geweest en het was in deze tijd dat hij met Giovanna Memmi trouwde: wellicht voelde Simone zich vermoeid na zijn intense reizen, waarbij hij voor zoveel verschillende opdrachtgevers op verschillende plaatsen had gewerkt. Hij besloot zich in zijn geboortestad te vestigen.[3]
Het was ergens rond 1325 en Simone was een gevestigde schilder, op het hoogtepunt van zijn artistieke wasdom. Zijn ervaringen in dienst van het Huis van Anjou en de Franciscanen, in internationale kringen waar politieke belangen vaak de plaats innamen van de religieuze geest en waar kunst een doeltreffend middel werd om wereldlijke macht te visualiseren en te bevorderen, hadden van Simone een veel meer wereldse man gemaakt: hij was vanuit Siena vertrokken als een getalenteerde maar eenvoudige Sienese schilder, en keerde terug als een beroemde kunstenaar, zelfverzekerd en ervaren. Terug in Siena werkte Simone voor de Governo dei Nove, de Regering van de Negen [4] en voegde hij jaar na jaar steeds meer schitterende werken toe aan het Palazzo Pubblico. De meeste van deze schilderijen zijn niet bewaard gebleven en we kennen ze alleen uit de betalingen die zijn vastgelegd in de Biccherna-rekeningen.
Tijdens deze tweede periode in Siena schilderde Simone enkele van zijn beroemdste schilderijen, zoals het fresco van Guidoriccio da Fogliano in het Palazzo Pubblico en de Annunciatie die zich nu in de Uffizi bevindt, het enige werk dat daadwerkelijk gesigneerd en gedateerd is. Ook het altaarstuk van de zalige Agostino Novello dateert uit deze periode.[3]
Het altaarstuk van de zalige Agostino Novello
De iconografie is, althans voor moderne toeschouwers zoals wij, duidelijk, maar niet zo eenvoudig te begrijpen. Het centrale gedeelte, omlijst door een veelbladige spitsboog, omvat de figuur van Augustinus, die een heiligenhalo draagt hoewel hij nog niet heilig was verklaard. Het bosrijke landschap, de oude kluizenaars in de medaillons en de scène van het gesprek met de engel (een episode die in geen enkele biografie voorkomt) zijn allemaal verwijzingen naar het kluizenaarsleven dat hij leidde in San Leonardo al Lago. Anderzijds wijzen het gezicht van Agostino, die nog steeds als een jonge man wordt afgebeeld, het rode boek dat hij bij zich draagt (misschien de Constitutiones van de Orde, die hij zelf had opgesteld), evenals het feit dat de wonderen zich allemaal afspelen in een zeer realistisch beschreven Siena, allemaal op Agostino’s politieke engagementen en de pastorale taken die hij in de stad vervulde.
Agostino Novello
Het verhaal van de zalige Agostino Novello is een voorbeeld van die vorm van volksvroomheid die aan het eind van de 13e eeuw en het begin van de 14e eeuw in de steden van Toscane tot bloei kwam. De officiële heiligen van de Kerk werden door het volk als te ver van hen af beschouwd en stonden spiritueel zo ver af van de realiteit van die tijd dat zij niet volledig konden voldoen aan de religieuze ijver die zich in die jaren ontwikkelde. De mensen hadden behoefte aan meer tastbare voorbeelden van heiligheid, die nauwer verbonden waren met de dagelijkse werkelijkheid, zoals de heilige Franciscus van Assisi dat was geweest. Als gevolg daarvan werden enkele van de bekendere burgers, van wie de liefdadige en religieuze daden algemeen bekend waren, en aan wie in veel gevallen wonderen werden toegeschreven, heilig of zalig verklaard.[3]
Agostino Novello was een van deze figuren. Na een schitterende loopbaan, zag Agostino Novello af van het gemeenschapsleven en trok hij zich terug in de kluis van San Leonardo al Lago, nabij Siena. [5]
Na de dood van Agostino Novello in 1309 verspreidde de verering van deze heilige man zich zo snel dat de monniken van zijn orde probeerden hem tot patroonheilige van de stad te laten benoemen: door de verering van een lid van hun orde zouden de Augustijnen ongetwijfeld aan prestige en macht winnen. Maar Agostino werd niet tot patroonheilige van Siena benoemd, ondanks het feit dat hij ongetwijfeld het voorwerp van grote verering moet zijn geweest, te oordelen naar het indrukwekkende grafmonument dat voor hem werd opgericht.
Het schilderij, dat zich nu in de Pinacoteca in Siena bevindt, hing oorspronkelijk in de kerk van Sant’Agostino, waarschijnlijk boven de houten sarcofaag waarin de zalige Agostino begraven lag; samen met het aan hem gewijde altaar vormden deze twee elementen een grafmonument.[3]
|

|
Simone Martini, Beato Agostino Novello, middenpaneel van het altaarstuk van de zalige
Agustín Novello, Pinacoteca Nazionale, Siena. [2]
|
De monnik wordt afgebeeld in het middenpaneel binnen een drielobbige boog, geflankeerd door twee jonge boompjes met enkele vogels die op de takken zitten. Hij houdt het rode boek vast waarin de voorschriften van de regel van Sint-Augustinus staan opgeschreven. Agostino Novello was een belangrijk Italiaans jurist en theoloog die opklom tot Prior-Generaal van de Orde van de Augustijnen. In die hoedanigheid kreeg hij de taak om de statuten en leefregels van de orde volledig te herzien en te redigeren. Deze herziene tekst staat bekend als de Constitutiones Ordinis Sancti Augustini.[3]
Aan weerszijden van de heilige zijn vier beroemde taferelen afgebeeld van wonderen die na zijn dood aan de zalige Agostino worden toegeschreven (waaronder de redding van een kind dat van het balkon was gevallen, de aanval van een wolf, de val van een ridder in een ravijn en de redding uit een wieg).
De scènes zijn ingedeeld volgens de opbouw van ex-voto’s, waarbij elke scène in twee delen is onderverdeeld: het ongeluk en het wonder, gevolgd door een dankgebed. Het idee van Agostino’s heiligheid, benadrukt door de plotselinge verschijningen van gevleugelde engelen, was bedoeld om de religieuze gevoeligheid van het middeleeuwse publiek aan te spreken: de slachtoffers van de vreselijke ongelukken zijn voor het grootste deel kinderen.
|
| |
 |
|
 |
|
| |
|
|
|
|
| |

|
|
|
|
| |
Miracolo del bambino azzannato dal lupo
|
|
Miracolo del cavaliere caduto in un burrone |
|
| |
|
|
|
|
| |
 |
|
 |
|
| |
Miracolo del bambino caduto dal balcone
|
|
Miracolo dei bambino caduto dalla culla
(Augustinus wekt een uit zijn primitieve wieg gevallen kind tot leven)
|
|
| |
|
|
In het laatste tafereel wordt het ‘Wonder van het kind dat uit de wieg is gevallen’, afgebeeld.
Een kind (de zoon van Donna Margarita en Miguccio Paganelli) ligt in een houten wieg. Terwijl de voedster de wieg wild heen en weer schommelt, breekt een van de dragende touwen. Het kind valt eruit en loopt een zware, bloederige hoofdwond op.
|
|
| |
|
|
|
De architectonische achtergronden van de scènes tonen een totaalbeeld van Siena (in *Het kind aangevallen door een wolf*), een blik op de smalle straatjes van de stad (in *Het kind dat van een balkon valt*) en zelfs een interieurscène (in *Het kind dat uit zijn wieg valt*, ook bekend als het *Paganelli-wonder*); en in feite zou men kunnen zeggen dat de stad Siena inderdaad de medeprotagonist van dit schilderij is. De gebouwen van het stadscentrum worden in evenwicht gehouden door het landelijke landschap in de scène van de ridder die in een ravijn valt, waarschijnlijk een afbeelding van het platteland net buiten Siena, met de torens van verre kastelen die afsteken tegen de kale heuvels.
Miracolo del bambino azzannato dal lupo
De wanhopige moeder buigt zich voorover, terwijl een andere vrouw probeert de wolf met een stok te verjagen; iets hoger, achter de toren, verschijnt plotseling de zalige.
|

|
Simone Martini, Beato Agostino Novello e quattro storie della sua vita, 1324 circa, Miracolo del bambino azzannato dal lupo, tempera su tavola, cm 200 x 256, Pinacoteca Nazionale, Siena [1]
|
Rechts in het paneel wordt de scène afgebeeld van het geredde kind dat op de schoot van zijn moeder zit, terwijl de vrouw die de wolf probeerde te verjagen hem troost met tedere strelingen. Andere mensen voegen zich bij de groep en danken samen met de moeder de hemel.
Miracolo del bambino caduto dal balcone
In het paneel links onderaan wordt het „Wonder van het kind dat van het balkon is gevallen“ verbeeld. Omdat er een plank van de erker van een huis is losgeraakt, stort het kind naar beneden, terwijl de moeder van bovenaf machteloos toekijkt hoe zich dit plotselinge en gruwelijke tafereel ontvouwt; maar voordat het kind de grond raakt, verschijnt de zalige Agostino in de lucht, die het kind zegent terwijl hij de balk uit de dodelijke baan wegduwt.
In de scène ernaast is het jongetje te zien, staande, ongedeerd, met zijn blik gericht op zijn moeder, terwijl enkele mensen zich over hem heen buigen om te controleren of hij niet gewond is geraakt, en een van hen, met gevouwen handen, dank betuigt voor het zojuist gebeurde wonder.
|

|
Simone Martini, Beato Agostino Novello e quattro storie della sua vita, 1324 circa, Miracolo del bambino caduto dal balcone, tempera su tavola, cm 200 x 256, Pinacoteca Nazionale, Siena [1]
|
Volgens de historische overlevering en weergaven in de kunst was Donna Margarita de vrouw van Miguccio, die op zijn beurt de zoon was van Messer Giovanni Paganelli.
Het verhaal verloopt als volgt:Terwijl de voedster van hun baby even afgeleid was, stortte een balkon of een deel van het houten plafond in, bovenop het wiegje waarin hun zoontje lag te slapen. Het kind werd onder het puin bedolven en overleed schijnbaar ter plekke aan de zware verwondingen.
De wanhopige ouders, Donna Margarita en Miguccio Paganelli, riepen vurig de hulp in van de vrome Augustijner monnik Agostino Novello. Volgens de legende verscheen de geest van Agostino, hield de vallende balken deels tegen en bracht het overleden jongetje op miraculeuze wijze weer tot leven.
Dit specifieke mirakel staat in de kunstgeschiedenis bekend als het Mirakel van het Kind dat uit de Wieg Valt en is een belangrijk onderdeel van de iconografie rondom de verering van Beato Agostino Novello.
Miracolo del cavaliere caduto in un burrone
In het paneel rechtsboven wordt het Wonder van de ridder die in een ravijn is gevallen weergegeven. De ridder, die over eenzame en steile paden zwierf, is samen met zijn paard in een ravijn gevallen en kwam precies onder het dier terecht; maar direct links verschijnt dezelfde ridder geknield terwijl hij dank betuigt aan de zalige Augustinus, die, nog steeds in de lucht, tussen de steile hoogten, hem zegent.
|

|
Simone Martini, Beato Agostino Novello e quattro storie della sua vita, 1324 circa, Miracolo del cavaliere caduto in un burrone, tempera su tavola, 82 cm x 67 cm, Pinacoteca Nazionale, Siena [1]
|
In de steile heuvels torenen in de verte, mysterieuze kastelen die stilte en plechtigheid lijken uit te stralen, wat in contrast staat met het rumoer van de wijkbewoners rond de ‘verhalen’ van de eerder beschreven panelen.
Miracolo dei bambino caduto dalla culla
In het laatste tafereel, dat van het ‘Wonder van het kind dat uit de wieg is gevallen’, afgebeeld in het paneel rechtsonder, wordt het verhaal verteld van een pasgeboren kindje dat, terwijl het door zijn voedster in slaap werd gewiegd, samen met zijn wieg op de grond valt doordat een touw, dat samen met de andere de wieg aan het plafond hield, het begaf. Het kind raakt gewond aan het hoofd en de voedster schreeuwt met gebaren van wanhoop, terwijl een andere vrouw probeert hem te helpen, en de moeder roept de hulp in van de zalige Augustinus; deze verschijnt plotseling tegen de gouden achtergrond, rechtsboven, en verricht het wonder van de genezing. Daaronder, op de onderste verdieping, staan de vrouwen klaar om in een plechtige processie naar buiten te gaan, met het wonderbaarlijk genezen kind gekleed in de pij van de Augustijner orde.
|

|
Simone Martini, Beato Agostino Novello e quattro storie della sua vita, 1324 circa, Miracolo dei bambino caduto dalla culla, tempera su tavola, cm 200 x 256, Pinacoteca Nazionale, Siena [1]
|
Simone Martini voegt, zoals gebruikelijk in het middeleeuwse idioom, meerdere momenten samen in één compositie: Aan de linkerkant zie je het actieve ongeluk waarbij het kind valt en gewond raakt. Beato Agostino Novello verschijnt als een vliegende spirituele verschijning in de lucht om het kind te redden of te zegenen.
Aan de rechterkant zie je de afloop: het kind is op wonderbaarlijke wijze genezen en zit of staat ongedeerd op de grond, terwijl de dankbare familieleden in gebed zijn geknield.
Als de kinderen na hun tijd bij de voedster op zeer jonge leeftijd terug naar huis keerden, werden zij in een wieg[2] gelegd. In de veertiende eeuw was dit nog een eenvoudige houten bak die met touwen aan het plafond hing, vlak naast of boven een bed. Volgens de inventarislijsten uit die tijd bevonden wiegen zich niet vaak in de ouderlijke slaapkamer en bijna nooit in de slaapkamer van de moeder maar veel vaker in de gastenkamer, de bijkeuken of in een berghok. Het lijkt erop dat deze ruimtes dan tijdelijk als kinderkamer werden gebruikt.[6]
|
|
|